Ramadan


Als je zwanger bent of borstvoeding geeft, heb je vrijstelling voor de Ramadan als je vreest voor de gezondheid van jezelf en/of jouw (ongeboren) kind.

Wij adviseren alle zwangeren om in ieder geval in het eerste trimester, de eerste 12 weken van de zwangerschap, niet te vasten. Het kan zijn dat je twijfelt of je er wel goed aan doet te vasten of je krijgt klachten tijdens de ramadan. Je kunt altijd bij ons terecht voor advies waarbij we zoveel mogelijk rekening houden met je wensen. Wij respecteren je wens om samen met familie en vrienden te vasten, maar het kan zijn dat wij je om medische redenen adviseren om te stoppen met vasten.

Vasten in het eerste trimester van de zwangerschap kan voor een lager geboortegewicht zorgen. Mogelijk spelen veranderingen in de placenta tijdens het vasten een rol. De ontwikkeling van het vruchtje staat centraal aan het begin van de zwangerschap. Er wordt in studies een verband gevonden tussen vasten in de zwangerschap en verminderde foetale ademhaling, kindsbewegingen, vruchtwatervolume en tonus van de foetus. Meer onderzoek moet hier naar gedaan worden. Meestal schommelt het HCG hormoon (zwangerschapshormoon) in het eerste trimester, waardoor misselijkheid en vermoeidheid veelvuldige klachten zijn. Vasten is dan een extra zware opgave. Vasten mag maar moet niet.

Hoe reageert je lichaam op de ramadan?

  • In het begin van de ramadan moet het lichaam wennen om niet op de ’normale tijden’ energie binnen te krijgen. Je voelt je daarom waarschijnlijk eerder moe. Sommige mensen krijgen stemmingswisselingen en worden bijvoorbeeld humeurig. Of je kunt minder goed je gedachten ergens bij houden.
  • Het kan ook zijn dat je je juist beter gaat voelen. Samen met vrienden en familie eten kan heel gezellig en ontspannen zijn. Overdag minder ongezonde tussendoortjes of niet roken heeft ook een positief effect op je gezondheid.
  • Het vasten kan de gezondheid verbeteren, maar kan ook gezondheidsproblemen veroorzaken. De belangrijkste oorzaak is niet het vasten, maar wel wat en hoeveel je 's avonds eet. De grote maaltijden zijn bijvoorbeeld een grotere belasting voor het hart dan drie gewone maaltijden.

Welke klachten kan je krijgen tijdens de ramadan?
Door het andere eetpatroon tijdens de ramadan kun je dit merken:

  • Moe zijn door laat naar bed gaan en korter slapen. Ook kan het reactievermogen daardoor minder zijn.
  • Misselijkheid, hoofdpijn en je niet fit voelen.
  • Hoofdpijn kan komen door te weinig drinken, weinig koolhydraten en minder koffie (cafeïne) drinken. Plotseling stoppen met koffie of cola kan je ook prikkelbaar en nerveus maken.
  • Te weinig drinken kan uitdroging veroorzaken. Uitdroging merk je hieraan: je plast nauwelijks, je bent duizelig en verward of je valt flauw. Het advies is bij uitdroging om te stoppen met vasten.
  • Iets zwaarder worden. Tijdens de ramadan eten mensen vaak wat meer, vetter, zoeter, op latere tijdstippen en in korte tijd. Je kunt daardoor juist iets zwaarder worden terwijl je vast.
  • Maagklachten kunnen erger worden.
  • Lage bloeddruk; je kan draaierig in je hoofd voelen of flauw vallen.

Adviezen bij de ramadan

  • Drink genoeg. Per 24 uur heb je minimaal 1,5 liter vocht nodig. Kies voor water, thee en vruchtensap.
  • In het algemeen is het gezonder 's avonds niet te veel en te zwaar te eten. 's Morgens is een stevige maaltijd juist wel goed. Dan heb je overdag minder een hongergevoel.
  • Probeer niet te veel te eten. Hoe meer je eet, hoe meer energie het lichaam nodig heeft dit te verwerken en hoe groter de kans is dat je lichamelijke klachten krijgt. Bovendien kan je zwaarder worden. Schep daarom niet te veel op. Eet niet te snel, maar kauw goed en rustig.
  • Eet liever geen gefrituurde gerechten. Gebruik bij bereiding niet te veel vet en niet te veel kruiden. Dat voorkomt dat je last krijgt van je maag of darmen. Die hebben immers de hele dag ‘gerust’. Sommige gerechten kunnen dan zwaar vallen.
  • Bewegen tijdens ramadan is ook belangrijk. Je kunt na het eten bijvoorbeeld gaan wandelen. Wil je gaan sporten? Doe dat niet te intensief. Hierdoor verlies je te veel vocht. Je wordt dan duizelig en krijgt hoofdpijn.


Als je borstvoeding geeft

  • Probeer zelf goed en gevarieerd te eten.
  • Drink ’s nachts voldoende vocht. Probeer niet alleen thee maar ook water en/of vruchtensap te drinken.
  • Leg je kindje ’s nachts zo veel mogelijk aan. Het kan zijn dat hij hierdoor overdag minder wil drinken.
  • Sommige vrouwen vinden het prettig om ’s nachts wat melk af te kolven en dit aan het einde van de dag aan hun kindje te geven.
  • Als je kindje al ouder is dan zes maanden – en dus vaste voeding krijgt – kun je overwegen dit overdag te geven.
  • Het blijft belangrijk om naar je eigen lichaam te luisteren en bij borstvoeding ook naar je kindje te kijken. Voel je je goed? Is je kindje alert en tevreden? Als je twijfelt aan je eigen gezondheid of die van je kindje, bespreek dit dan met je verloskundige of huisarts.